Finst

Bank of Italy: stablecoinbetalingen zijn snel, maar duur

De Italiaanse centrale bank ziet dat vooral aankoop- en omwisselkosten de rekening opdrijven, naast eventuele gas fees op netwerken als Ethereum.

Bank of Italy: stablecoinbetalingen zijn snel, maar duur

Korte samenvatting

  • Stablecoinbetalingen kunnen snel zijn, maar een transfer van $200 kostte in een Bank of Italy-experiment tussen 60 cent en bijna $18.
  • De grootste kosten zaten niet in de blockchaintransfer, maar in het kopen en weer omzetten van stablecoins naar lokale valuta.
  • De totale kosten hangen af van route, netwerk en regelgeving; ESMA beperkt in de EU diensten rond niet-MiCA-conforme assets zoals USDT.

Stablecoinbetalingen kunnen snel zijn, maar ze zijn niet altijd goedkoop. Volgens een experiment van de Bank of Italy kostte het versturen van $200 (€180) via stablecoins op tien internationale betaalroutes ongeveer 60 cent tot bijna $18 (€16). Het grootste deel van die kosten zat niet in het verplaatsen op de blockchain, maar in het kopen en daarna weer omzetten van de tokens naar lokaal geld.

Waar de kosten ontstaan

De studie laat zien dat een betaling met stablecoins uit meerdere stappen kan bestaan. Eerst moet iemand de tokens kopen, daarna versturen en vervolgens weer verkopen voor lokale valuta. Zelfs als de transfer fee laag lijkt, kan de wisselkoersmarge de uiteindelijke uitbetaling flink verlagen.

Dat maakt stablecoins minder eenvoudig dan vaak wordt gedacht. Voor iemand die loon in stablecoins ontvangt, kan het geld wel in een crypto wallet aankomen, terwijl de huur nog steeds vanaf een bankrekening moet worden betaald. De Italiaanse studie noemt een totale bandbreedte van 0,30% tot bijna 9% voor de volledige route die zij onderzocht.

Meer dan alleen blockchainkosten

De Bank of Italy-studie staat niet op zichzelf. Ook de BIS heeft eerder gekeken naar de rol van conversie- en opnamekosten bij de concurrentiepositie van stablecoins tegenover banken en fintechdiensten. Daarnaast kan de gebruikte blockchain zelf verschil maken: stablecoins op Ethereum hebben vaak hogere gas fees bij drukte, terwijl netwerken zoals Solana meestal goedkoper zijn om op te versturen.

Dat is relevant voor gebruikers die stablecoins vooral zien als betaalmiddel. De kosten hangen niet alleen af van de token, maar ook van de route, het netwerk en de partij die de in- en uitstap verzorgt. Bij sommige betaalstromen kan een ogenschijnlijk goedkope transfer daardoor alsnog duur uitpakken.

Waarom dit voor Europa telt

Voor Europese crypto-gebruikers is dit extra relevant omdat stablecoinbetalingen steeds vaker worden gepresenteerd als een snelle manier om geld internationaal te verplaatsen. In de praktijk bepaalt de laatste stap vaak hoeveel er echt overblijft. Dat maakt de discussie over kosten, wallets en omwisselen belangrijker dan alleen de snelheid van de transfer.

De Europese toezichthouder ESMA heeft bovendien duidelijk gemaakt dat crypto service providers in de EU geen diensten mogen aanbieden rond assets die niet aan MiCA voldoen, waaronder Tether's USDT. Dat onderstreept dat niet alleen de kosten, maar ook de toegestane betaalroutes per markt kunnen verschillen. Ook de opkomst van gereguleerde alternatieven speelt mee: een euro-stablecoin met DNB-licentie moet juist laten zien hoe betaalroutes binnen Europa goedkoper en duidelijker kunnen worden ingericht.


Disclaimer: Deze inhoud is uitsluitend bedoeld voor informatieve doeleinden en vormt geen financieel, beleggings-, juridisch of fiscaal advies. De verstrekte informatie kan onvolledig, onjuist of verouderd zijn en mag niet als zodanig worden gebruikt. Niets op deze website mag worden beschouwd als een aanbeveling om cryptocurrency te kopen, verkopen of aan te houden. Investeren in crypto-activa brengt risico op verlies met zich mee.